“In de klas leer je veel te weinig over het leven buiten de schoolmuren”
- Mauro Michielsen
- 16 mei 2024
- 3 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 12 uur geleden

Driehoeksmeetkunde, Franse woordjes … Op school doe je heel wat interessante en noodzakelijke kennis op. Maar een belastingbrief leren invullen zou ook wel handig zijn, meent Mauro Michielsen.
Ik ben 19, studeer (soms) en zonet tekende ik het contract van mijn eerste kot. De huur zal ik deels zelf betalen met het geld van mijn eerste job. Straks zal ik voor het eerst belastingen betalen. Ik volg de media, ga naar politieke debatten, en netwerk daar op recepties met mensen van dertig, vijftig en ouder. Ik vind mezelf intussen te oud voor Snapchat. Ben ik dan nu volwassen?
Op dit moment heb ik mijn leven allesbehalve op een rij. Ik wek alleen die indruk, omdat de samenleving dat lijkt te verwachten van jongvolwassenen. Een voorbeeld: ik moet een statuut als ‘student-zelfstandige’ aanvragen om juridisch in orde te zijn voor de columns die ik schrijf. Na wat surfen op het web snapte ik dat je dat bij een sociaal ondernemersloket moet doen – wat dat ook moge zijn – en dat me dit meer dan 150 euro gaat kosten. Redelijk snel ben ik verzeild in een kluwen van formulieren, die bijna bewust in moeilijk Nederlands geschreven zijn. Uiteindelijk vond ik een knopje ‘boek een afspraak’. Dat heb ik dan maar gedaan, in de hoop dat die persoon mij kan helpen.
Mijn punt is: ik heb nooit geleerd hoe dat moet. Net zoals zoveel andere dingen. Op school leer hoe je de hoek van een niet-rechthoekige, tweebenige driehoek moet berekenen, maar niet hoe je solliciteert of een belastingbrief invult. Nog zoiets: over minder dan een maand zijn het verkiezingen. Het grootste deel van mijn vrienden, zelfs de pol en soc’ers, heeft geen idee op wie ze gaan stemmen of waar de partijen voor staan. Want opnieuw: nooit geleerd. Op school is er weinig of geen plaats voor actuele dingen, wat er leeft in de samenleving of hoe de politiek het speelveld van ons leven bepaalt. Dat is toch doodzonde?
Ik ben iemand die veel leerde door buiten school engagementen op te nemen. Ik was theatermaker en voorzitter van de Scholierenkoepel. Soms denk ik dat ik daar meer aan gehad heb dan aan de leerstof op school. Wat ik in de klas leerde, voelde instrumenteel: je leert om punten te verdienen en vergeet daarna alles weer. Mijn echte passie voor de wereld rondom mij heb ik elders ontwikkeld. Samenwerken, een organisatie besturen, projecten leiden, je grenzen bewaken … Ik leerde het overal, behalve op school.
Begrijp me niet verkeerd. We moeten naar school gaan om wiskundeoefeningen te maken en Franse woordjes te leren. Dat behoort tot de cruciale vorming. Maar moet dat per se sec en saai zijn? Is het ook niet de taak van school om ons bewust te maken van alles wat leeft buiten de schoolmuren? Waarom leren we niet over economie door op bedrijfsbezoek te gaan? Of waarom trekken we voor wetenschappen niet de natuur in?
Op de schoolbanken leren is niet bepaald motiverend. En ook niet per se efficiënt. Als ik alle uren Franse les gespendeerd zou hebben aan effectief Frans spreken – in plaats van half slapend op een stoel in de les te zitten – zou ik vandaag vloeiend Frans spreken. Maar door elke dag woordjes in mijn hoofd te prenten, zonder het nut daarvan in te zien, heb ik nu een degout van de taal van Molière.
Het onderwijs zou net de plek moeten bieden die ons inspireert en vormt tot kritische burgers die met twee voeten in de samenleving staan. Een plek waar je leert over het volwassen leven. Over wat er speelt in de wereld, over politiek, actualiteit, andere culturen, samenleven, de grote systemen en de kleine praktische dingen waar je iets aan hebt. Misschien had ik dan geweten hoe ik een statuut als ‘student-zelfstandige’ aanvraag. Ik kijk al uit naar mijn afspraak morgen.
bron: De Standaard


