“Ik wil even vrijaf nemen van het grotemensenleven”
- Mauro Michielsen
- 27 jun 2024
- 3 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 11 uur geleden

Student Mauro Michielsen is eindelijk de baas van zijn eigen leven, en toch verlangt hij terug naar de zorgeloosheid van zijn jongere bestaan.
Om te ontsnappen aan de gekkigheid van mijn dagelijkse leven ben ik weer naar oma en opa Kasterlee gevlucht. Dat doe ik wel vaker, hier de rust opzoeken. Na de examens kan ik dat wel gebruiken.
Gisteravond kwam oma plots aandragen met een oude kinderfoto. Er is een kleine Mauro op te zien, ik schat ongeveer 4 jaar oud. Tegen het decor van de basiliek van Koekelberg, waar ik opgroeide, met mijn geboorteknuffel Poes in de hand. Elke vrijdag kwam oma ons afhalen van school, waarna we vaak wandelden in het park voor de basiliek, smurfenijs aten en in de speeltuin speelden. Ik had de foto niet eerder gezien. Het was vreemd hoe het beeld een vage herinnering uit het verleden afstofte, waardoor ze weer wat helderder werd in mijn hoofd.
Mensen die mij al langer kennen, weten dat ik een nostalgisch persoon ben, soms op het melancholische af. Ik kan voldaan en vreugdevol, maar toch vol heimwee terugkijken op wat was. Zonder nadenken nam ik de foto ’s avonds mee naar bed. Voor het slapengaan staarde ik mezelf aan. Het is heel meta om je vierjarige zelf in de ogen te kijken. Met tranen in diezelfde ogen ben ik in slaap gevallen.
De kinderloze zorgeloosheid van op de foto staat in schril contrast met hoe ik me nu voel. Ik heb het gevoel dat mijn volwassen leven plots gelanceerd is. Alleen weet ik niet of ik daar klaar voor ben. En misschien belangrijker, of ik daar zin in heb. Als kind wordt de dag voor jou ingevuld. Een beetje zoals die vrijdagen vroeger: park, ijsje, speeltuin. Volwassenen brengen structuur. Je gaat naar school, doet je hobby’s, volgt je ouders waar ze je mee naartoe slepen, eet wat de pot schaft en gaat slapen wanneer Thuis gedaan is.
Nu ben ik baas over eigen leven. Ik heb de ultieme vrijheid waar ik heel het middelbaar lang naar heb verlangd. Ik kan mijn eigen leven vormgeven – wat een ongelofelijk privilege is – en doe dat gretig met grotemensendingen, zoals mijn politiek engagement en columns schrijven. En toch ben ik niet altijd op mijn gemak in de volwassen wereld. Die toont me ook de grauwe en complexe kant, die je als kind niet te zien krijgt.
Misschien was dat wel de rode draad doorheen mijn columns. Ik word groot, volwassen. En da’s soms eng. Want er is zo veel dat ik nog niet weet. Ik doe maar wat. Leren zwemmen in de zee van vrijheid waar ik al zo lang naar uitkeek, is soms ook een beetje verzuipen. Soms moet ik op tijd op zoek gaan naar een reddingsboei om mij aan vast te klampen. Zoeken naar het zorgeloze: de mensen en dingen die mij levensvreugde en rust brengen. Park, ijsje, speeltuin. Of het grotemensenequivalent daarvan.
Laat dat zijn wat ik deze zomervakantie ga doen. Even geen maatschappelijk engagement en geen columns. Even niet idealistisch de wereld willen verbeteren. Gewoon even negentien en jong zijn. Met vrienden festivals afschuimen, op reis gaan met mijn gezin. Even vrijaf nemen van het grotemensenleven.
Zoals oma’s foto’s me herinnerden aan mijn kindertijd, wil ik deze zomer herinneringen maken van hoe het is om jong te zijn. Zodat ik daar binnen enkele jaren op terug kan blikken met heimwee naar de zorgeloosheid, en daarna met een licht melancholisch gevoel in slaap vallen. Laat deze zomer elke dag een vrijdag zijn. Met park, ijsje en speeltuin.

bron: De Standaard
